|
Verkeer
|
||||
|
Inleiding Mobiliteit en economie hangen sterk met elkaar samen. In het overheidsbeleid komen deze thema's regelmatig terug in beschouwingen over de toekomst. De toegenomen mobliteit van personen levert economische voordelen én nadelen op. Toch blijkt steeds weer dat bij het opstellen van mobiliteitsplannen en economische scenario's nauwelijks kennis is over de vraag WIE RIJDT WAAR, WANNEER EN WAAROM? OWP Research heeft met TransEc een benadering gekozen die het antwoord vormt op deze vraag. TransEc is een model dat wegverkeer verdeelt over verschillende weggebruikers, wegvakken en tijdstippen. TransEc: het model In TransEc wordt een netwerk van wegen gedefinieerd voor een beperkt regionaal gebied (regio, stad). Dit netwerk wordt gekenmerkt door ingangen, uitgangen, kruispunten en verbindingswegen. Om een zuivere relatie te leggen tussen de economie in het gebied en het wegverkeer wordt het doorgaande (transit) verkeer eerst in kaart gebracht. Wat van de totale verkeersstroom overblijft is het bestemmingsverkeer. Deze stroom wordt voorts verdeeld in de volgende categorieën:
Zakelijk verkeer De kracht van TransEc als koppeling tussen verkeer en economie ligt in de berekening van het zakelijk verkeer. Via een input-output analyse worden economische transacties van bedrijven in het bestudeerde gebied berekend. Dit zijn transacties tussen bedrijven onderling, maar ook tussen bedrijven binnen en buiten het gebied (invoer en uitvoer). De bedrijven worden ingedeeld in een aantal bedrijfssectoren, waardoor het mogelijk is om rekening te houden met specifieke kenmerken van verkeer in economie in de verschillende sectoren. Vervolgens worden deze economische transacties (inkopen en verkopen) "vertaald" in verkeersbewegingen, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen goederenvervoer en personenvervoer. Ook wordt rekening gehouden met de locatie van bedrijven in het bestudeerde gebied en het vervoerspatroon over een etmaal, zodat de zakelijke verkeersstroom per wegvak en per uur berekend kan worden. Uiteindelijk ontstaat dan een model dat de wisselwerking tussen zakelijk verkeer en economische transacties in kaart brengt. Woon-werk verkeer Voor het woon-werk verkeer wordt een gelijksoortige benadering gekozen. Ook hier wordt een herkomst-bestemming matrix opgesteld die wordt bepaald door de locatie van bedrijven en woongebieden. De omvang van het woon-werk verkeer wordt bepaald door de werkgelegenheid en het gebruik van auto's voor woon-werk verkeer in het bestudeerde gebied. Uit onderzoek is bekend hoe het etmaalpatroon van het woon-werk verkeer er uitziet. Dit patroon wordt, aangevuld met eigen observaties, gebruikt om per wegvak, per uur de woon-werk verkeersstroom te berekenen.
|
Toeristisch verkeer Voor de bepaling van het toeristische verkeer gelden andere regels. Ten eerste is het etmaalpatroon van deze stroom anders dan voor het zakelijk en woon-werk verkeer. Ten tweede is de routering van toeristisch verkeer door het bestudeerde gebied afhankelijk van de locatie van toeristische attracties en parkeerplaatsen. Deze kunnen doorgaans vrij eenvoudig in beeld worden gebracht. De omvang van de toeristische verkeersstroom wordt bepaald aan de hand van onderzoek naar bezoekers-stromen en het gebruik van auto's door toeristen. Ook het door OWP Research ontwikkelde monitoring systeem op het gebied van toerisme en bezoek wordt hiervoor gebruikt. Overig verkeer Sluitpost in het TransEc model is het "overig" verkeer, dat een mix vormt van verschillende soorten wegverkeer. Onder deze noemer vallen bijvoorbeeld openbaar vervoer (bussen, taxi's), verkeer van en naar scholen, verkeer ten behoeve van winkelen, bezoek aan familie, sport en verenigingen. Als gevolg van de grote diversiteit in deze verkeersstroom vormen zowel de omvang van deze stroom als de verdeling daarvan over wegvakken en tijdstippen de sluitpost van het model. Wisselwerking verkeer/economie TransEc biedt de mogelijkheid om de wisselwerking tussen wegverkeer en economie te bestuderen. In bestaande combinaties van economische en verkeersmodellen bestaat die mogelijkheid meestal in één richting, omdat het ene model is afgestemd op het andere. Dat legt een causaal verband dat niet in de andere richting werkt. In TransEc is dit niet het geval. De impact van ontwikkelingen op het ene gebied (bijvoorbeeld verkeer) op het andere gebied (bijvoorbeeld economie) kan door TransEc in kaart worden gebracht. De door OWP Research ontwikkelde economische impact studies kunnen op deze wijze worden vertaald in effecten op wegverkeer. Files in Nederland De simulaties binnen het TransEc model geven aan dat een spreiding van de aankomst van auto's op plekken waar dagelijks of regelmatig een file staat, leidt tot een forse vermindering van de file. Met andere woorden, als automobilisten in het woon-werk verkeer op bewuste wijze hun vertrektijden spreiden, dan is een reductie van de duur en intensiteit van files mogelijk met soms wel 80 procent! Via onze nevensite www.elkedagfile.nl proberen we automobilisten in geheel Nederland te bewegen om aan te geven in welke file zij regelmatig zitten, waar ze vandaan komen en waar ze naar toe gaan. Deze gegevens worden gebruikt om onze eigen simulaties na te bootsen en te onderzoeken in welke mate files in Nederland kunnen worden verminderd. Bluetooth Verkeersmonitor Een zwakke schakel in het huidige TransEc model vormt de statische benadering van routering van voertuigen. In 2009 lanceert OWP Research de Bluetooth Verkeersmonitor. In de opzet van de monitor wordt gebruik gemaakt van Bluetooth technologie om routering, maar ook reistijden in kaart te brengen. Door binnen een bepaalde regio of gemeente gedurende een aantal uren op diverse punten simultaan de Bluetooth MAC codes van automobilisten te registreren (bijvoorbeeld bij kruispunten of plaatsen waar regelmatig files staan), is het mogelijk om routering en reistijden van de automobilisten in kaart te brengen. De testresultaten van het systeem geven aan dat circa 20 procent van de voertuigen in de ochtend- en avondspits en circa 30 procent van de voertuigen buiten de spitstijden in kaart kunnen worden gebracht. Het systeem is op dit moment operationeel, zij het in bemande versie (medewerkers scannen zelf de Bluetooth codes). In de loop van 2009 ontwikkelt OWP Research zogenaamde Bluetooth kits, die op veilige wijze bij kruispunten en plaatsen waar regelmatig files staan kunnen worden geïnstalleerd. OWP Research verlegt met deze vorm van monitoring de grenzen van mobiliteitsmanagement op een wijze die in andere landen nog in de kinderschoenen staat.
|
Referenties OWP Research (2006) - TransEc Maastricht, een koppeling tussen economie en wegverkeer in Maastricht (eigen onderzoek). |
||